Sytske Sötemann

Turkse poëzie in Nederlandse vertaling

Hollandaca'da Türkçe şiir


Roni MARGULIES (1955)

TERLİK

DE SLIPPER

Yaşlı bir kadın beliriverdi bir gün
metro istasyonunun girişinde
birkaç ay önce.
Dileniyordu.

Yırtık, ama bembeyazdı giysileri.
Babaannemi anımsattı bana:
korku dolu gözlerini,
son günlerini.

Adet edindim her geçtiğimde
“Günaydın” demeyi, ya ekmek
ya para vermeyi.
Tek kelime etmedi.

Bir şeyler diyecek oldum geçende,
baktı, belliydi ama anlamadığı.
Verdiklerimi aldı,
kafasını çevirdi.

Dün geçtiğimde yerinde yoktu.
Tek bir terlik gördüm yerde.
Soluk pembe, pullu,
sol kenarında

kan kırmızı plastik bir kalp.
Küçücük, pırıl pırıl.
Her an sanki
atacakmış gibiydi.

© Roni MARGULIES, 2004
  YKY İstanbul
Enkele maanden geleden stond er op een dag
plotseling een oude vrouw
bij de ingang van het metrostation. 
Ze was aan het bedelen.

Haar kleren waren versleten, maar hagelwit.
Ze deed mij denken aan mijn grootmoeder:
aan haar ogen vol angst,
aan haar laatste dagen.

Ik raakte eraan gewend om telkens als ik voorbijkwam
‘Goedendag’ te zeggen, en brood
of geld te geven.
Zij zei nooit een woord.

Onlangs wilde ik wat vertellen,
ze keek, maar begreep het duidelijk niet.
Ze nam wat ik gaf,
en wendde haar hoofd af.

Toen ik gisteren voorbijkwam stond ze niet op haar plaats.
Op de grond zag ik één enkele slipper.
Flets roze, met lovertjes,
op de linkerkant

een bloedrood plastic hart.
Minuscuul, glanzend.
Alsof het ieder ogenblik
kon gaan kloppen.

© Sytske Sötemann, 2010  


Deniz seviyesinin altında

Onder zeeniveau

“Rot” diyor elimdeki sözlük, “çamurlu” demekmiş.
“A” ise “su”, buna şaşırdım işte. Rotta, demek ki,
çamurlu su. “Dam” belli, “baraj”. Rotterdam,
bir baraj, çamurlu suyun üzerindeki.

Her yanım su, her yer su. Ve şehrin çoğunluğu
deniz seviyesinin altında. İki bin on dört yılının
bahar aylarını bu suların arasında geçireceğim.
Uzun yürüyüşlere çıkacağım her sabah kalktığımda.

Cevap arayacağım yürürken birkaç basit soruya:
Burada mı daha yabancıyım, İstanbul’da mı yoksa?
Niye karaya değil de ayaklarım, suya basıyor sanki?
Ve altmış yaşımın eşiğinde niye hâlâ
bir cevap olduğunu sanıyorum bu sorulara?

© Roni MARGULIES, 2014
Rotterdam Güncesi   A View with a Room Rotterdam
"Rot" zegt het woordenboek in mijn hand, betekent "modderig".
Maar "A" is "water", dat vind ik vreemd. Rotta, betekent dus,
modderig water. "Dam" is duidelijk, "dam". Rotterdam,
een dam, bovenop modderig water. 

Aan alle kanten water, overal water. En bijna de hele stad
ligt onder zeeniveau. De lentemaanden van tweeduizend
veertien zal ik hier tussen het water doorbrengen.
Na het opstaan zal ik elke ochtend lange wandelingen maken.

Al wandelend zal ik een antwoord zoeken op enkele eenvoudige vragen:
Waar voel ik me nu meer vreemdeling, hier of in Istanbul?
Waarom staan mijn voeten niet op de grond, maar als het ware op water?
En waarom denk ik op de drempel van mijn zestigste
nog steeds dat er een antwoord is op dergelijke vragen?

© Sytske Sötemann, 2014  


Maas Limanı

De Maashaven

Odam on birinci katta.
Aşağı baktığımda balkonumdan,
yaşlı çınar ağaçlarının arasından 
koca beton bacakların üzerinde
bir üstgeçitten metro geçiyor.
Ne inen oluyor genellikle, ne binen,
belki bir, belki beş kişi, o kadar.

Karşımda dev bir baca; isli, paslı,
duman saldığı olmadı henüz ama.
Yanı başında, bu yanında limanın,
bilmem kaç yüz bin tonluk bir silo.
Belli, on yıllardır kullanılmıyor,
boş. Daha pahalıya çıkacağı için
yıkılması yapılmasından, duruyor.

Uzun ve dikdörtgen bir su alanından
oluşuyor liman, bir ucu denize açılan.
Dizi dizi vinçlerin ardında batıyor
akşamları güneş. Ben karaya bakan
bir köşesindeyim dikdörtgenin,
balkonumdan izliyorum her akşam
takılır mı vinçlere bu kez güneş diye.

Bana en uzak kenarında suların
büyük, birkaç katlı, bembeyaz,
demir atmış duruyor bir gemi.
Ancak görüyorum, ambarlarla
metal yapıların arasından. Sabah
güneş kalkıp ilk ona vurduğunda ama
yeni bir gün gibi parlıyor. Vaat gibi.
Heyecan gibi. Umut gibi.

Ulaşmaya çalışacağım yarın sabah ona.

© Roni MARGULIES, 2014
Rotterdam Güncesi   A View with a Room Rotterdam
Mijn kamer bevindt zich op de elfde verdieping.
Als ik vanaf mijn balkon naar beneden kijk,
loopt er tussen oude platanen door,
op enorme betonnen benen,
een bovengrondse metro.
Gewoonlijk stapt er niemand in of uit,
of misschien een man of vijf, meer niet.

Tegenover me verheft zich een reusachtige schoorsteen; 
beroet, beschimmeld, of hij ook rookt is nog de vraag.
Daarnaast, aan deze kant van de haven,
staat een silo van ik weet niet hoeveel ton.
Duidelijk al tientallen jaren niet in gebruik,
leeg. Omdat afbreken veel duurder zal zijn,
is hij niet gesloopt, maar blijven staan. 

De haven wordt gevormd door een lange en rechthoekige
watervlakte, waarvan het ene eind op zee uitkomt.
Achter dikke rijen hijskranen gaat 's avonds
de zon onder. Aan de andere kant van de rechthoek
met uitzicht op de wal,
kijk ik iedere avond vanaf mijn balkon of de zon 
deze keer wel in de hijskranen zal blijven hangen.

Voor mij uit aan de verste kant van het water
ligt een groot schip met meerdere verdiepingen,
glanzend wit voor anker.
Tussen loodsen en metalen constructies door
kan ik het net zien. Maar als 's morgens
de zon opkomt en het schip als eerste beschijnt 
straalt het als een nieuwe dag. Als een belofte.
Als een sensatie. Als een verwachting.

Ik zal er morgenochtend eens heengaan.

© Sytske Sötemann, 2014  


Rotterdam Gemisi

SS Rotterdam

Öğrendim ki, limanın ucundaki beyaz gemi,
sabahın ilk ışıklarını yansıttığında
ikinci bir güneş gibi parlayan gemi,
biner giderim diye hayal kurduğum gemi,

karaya bağlıymış kalın zincirlerle.
Gittiği yokmuş hiçbir yere.
Miadını doldurmuş çoktan,
oyuncak olmuş çocuklarla turistlere.

Yürüyüp bu sabah yanına vardım.
Asılıyor gibime geldi halatlarına bir an,
uskurundan bir hırıltı duyuyorum sandım.
Baktım, dinledim. Yok,
hayır, yanılmışım.
Benmişim.

© Roni MARGULIES, 2014
Rotterdam Güncesi   A View with a Room Rotterdam
Ik heb gehoord, dat het witte schip op de kop van de haven
met dikke kettingen aan de wal ligt vastgeklonken;
het schip, dat als een tweede zon ligt te schitteren
wanneer het het eerste ochtendlicht weerkaatst,

het schip, waar ik in mijn fantasie aan boord ga.
Geen sprake van dat het nog ergens heenvaart.
Zijn tijd zit er allang op,
speelgoed voor kinderen en toeristen.

Vanochtend kwam ik er aanlopen.
Een ogenblik leek het alsof het in zijn kabels hing,
dacht ik vanaf zijn schroef een gerucht te horen.
Ik keek, luisterde. Niets,
nee, ik had me vergist.
Ik was het kennelijk zelf.

© Sytske Sötemann, 2014  


Yıldönümü

Jaarlijkse viering

Yaklaşık benim yaşım kadar yıl önce,
yerle bir etmiş Almanlar bu şehri.
Direneceği yokmuş Hollandalıların, 
aceleymiş ama anlaşılan Nazilerin işi.

Bugün günlerden beş mayıs.
Sokağa çıktım ki bu sabah,
yüzlerce bayrak asılmış her yana.
Sordum, yıldönümüymüş bugün
Almanlardan kurtuldukları günün,
Hollanda için savaşın bittiği günün.
Tesadüf  buna denir: bugün bir de 
benim dünyaya geldiğim gün.

Çekilince Hollanda savaştan
ben sürülmüşüm sanki cepheye.

© Roni MARGULIES, 2014
Rotterdam Güncesi   A View with a Room Rotterdam
Ongeveer zoveel jaar geleden als ik nu oud ben,
maakten de Duitsers deze stad met de grond gelijk.
De Nederlanders zouden geen verzet hebben geboden,
maar de Nazi's hadden blijkbaar haast.

Vandaag is het de vijfde mei.
Toen ik vanochtend de straat op ging,
hingen er overal vlaggen, honderden.
Ik vroeg of het vandaag de jaarlijkse viering was,
de dag waarop ze van de Duitsers werden bevrijd,
de dag waarop voor Nederland de oorlog afliep.
Noem het toeval of niet: vandaag is het ook 
de dag dat ik ter wereld kwam.

Toen Nederland zich terugtrok uit de oorlog
werd ik als het ware naar het front gestuurd.

© Sytske Sötemann, 2014  


Balkon ve Deniz

Het balkon en de zee

On birinci katta küçük bir balkon benimki,
çevredeki en yüksek binanın tepesinde. 
Sağda, fabrikalarla gökdelenlerin arasında
Maas limanı: mavi ve sakin. Bir iç deniz gibi
azgın Kuzey Denizi’yle balkonum arasında.
Beni kandırmak için konmuş sanki oraya.

Hollanda tarihi okuyorum şu günlerde.
Göğün ve suyun, çamurun ve toprağın tarihi.
Ve suyu çamur, çamuru toprak yapanların,
toprağın yarın da toprak olarak kalması için
çamurun içinde canını dişine takanların tarihi.

İnsanla denizin mücadelesi. Hiç bitmeyen,
bir dönem öne geçenin sonrakinde yine 
geri düştüğü, nefes kesen, setler ve bentler,
suyolları, kanallar ve duvarlarla verilen,
denize karşı karayı muzaffer kılma kavgası.

Şarabını yudumlarken balkonumda dün biri,
Maas limanına karşı, masmavi ve sakin,
“Uysal bugün deniz,” dedi, “düşman değil bize.
Korkarım geçici olacak bu galibiyetimiz de ama.”
Ne fark eder diye düşündüm gecenin bir saatinde,
geçici değil mi zaten bu balkondaki yerimiz de?

© Roni MARGULIES, 2014
Rotterdam Güncesi   A View with a Room Rotterdam
Op de elfde verdieping heb ik de beschikking over een klein balkon,
bovenop het grootste gebouw in de omgeving.
Rechts, tussen fabrieken en wolkenkrabbers
ligt de Maashaven: blauw en kalm. Als een binnenzee
tussen de onstuimige Noordzee en mijn balkon.
Alsof hij daar is neergelegd om mij voor de gek te houden.

Op het ogenblik lees ik over de geschiedenis van Nederland.
De geschiedenis van lucht en water, van modder en land.
De geschiedenis van mensen, die van water modder maakten, 
van modder land, en die, om te bewerkstelligen dat land 
land zou blijven, zich in de modder hebben afgebeuld.

De strijd van de zee en de mens. Het eindeloze,
adembenemende gevecht om met dijken en dammen, 
waterwegen, kanalen en muren het land op de zee 
te veroveren, terwijl de vorderingen van de ene periode 
in een latere weer teniet worden gedaan. 

Gisteren zei iemand, die op mijn balkon van zijn wijn 
stond te nippen, over de Maashaven, helderblauw en kalm,
"Vandaag is de zee braaf, is ze geen vijand voor ons.
Maar ik ben bang dat onze overwinning tijdelijk zal zijn."
's Nachts bedacht ik dat het er eigenlijk niet toe deed,
want is onze plek op dit balkon niet evengoed tijdelijk?

© Sytske Sötemann, 2014  


(Terug)